Het afweersysteem van patiënten met post-covid maakt antistoffen die mogelijk een rol spelen bij het ontstaan van hun klachten. Het eigen immuunsysteem faalt dan en keert zich ten onrechte tegen het lichaam. Dat wijst een studie uit onder leiding van onderzoekers van Amsterdam UMC en het UMC Utrecht. De resultaten uit de studie maken de weg vrij voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen. Denk aan gerichte therapieën die schadelijke antistoffen kunnen verwijderen of neutraliseren.

Het postcovidsyndroom is een aandoening die meer dan 10 procent van de mensen treft na infectie met het coronavirus. Het geeft allerlei klachten, waaronder extreme vermoeidheid, pijn, post-exertionele malaise (PEM) en cognitieve stoornissen (‘hersenmist’).

Ontregeling

Er nog weinig bekend over de oorzaak. Eerdere studies wezen al op een ontregeling van het immuunsysteem en de aanwezigheid van antistoffen die zich ten onrechte richten op het eigen weefsel van het lichaam (auto-antistoffen). De onderzoekers wilden kijken of zij in muizen het bewijs konden vinden dat deze antistoffen inderdaad een oorzaak zijn van de klachten. Het is al bekend dat dat antistoffen van patiënten met andere ziekten met vergelijkbare symptomen, zoals fibromyalgie, ook in dieren klachten kunnen opwekken.

Antistoffen uit bloed patiënten

In de studie dienden onderzoekers de antistoffen, afkomstig uit het bloed van 34 patiënten met post-covid, toe bij muizen. Het resultaat was opvallend: de dieren ontwikkelden chronische symptomen van pijn en ongemak die minstens twee weken aanhielden. Nog opmerkelijker was dat de antistoffen die twee jaar later bij dezelfde patiënten werd afgenomen, nog steeds dezelfde symptomen bij muizen veroorzaakte. Medeonderzoeksleider Niels Eijkelkamp (Centrum voor Translationele Immunologie, UMC Utrecht) legt uit: “Dit resultaat suggereert dat het onderliggende ziektemechanisme nog lang na de eerste infectie aanhoudt, wat mogelijk verklaart waarom veel patiënten langdurige symptomen ervaren.”

Verschillende biologische oorzaken

Om de aandoening beter te kunnen begrijpen, analyseerden onderzoekers bloedmonsters van patiënten met post-covid. Ze konden daarmee verschillende patiëntsubgroepen onderscheiden. Toen antistoffen uit deze verschillende groepen bij muizen werden getest, veroorzaakten ze ook verschillende patronen van symptomen. Medeonderzoeksleider Jeroen den Dunnen (Centrum voor Infecties en Moleculaire Geneeskunde, Amsterdam UMC) voegt toe: “Deze bevinding ondersteunt het idee dat het postcovidsyndroom geen eenduidige aandoening is, maar een heterogene ziekte met verschillende biologische oorzaken.”

Jarenlang in het bloed

Het team ontdekte ook dat antistoffen van patiënten met post-covid zich richten op lichaamseigen eiwitten die betrokken zijn bij diverse functies, zoals zenuwactiviteit en celstofwisseling. Veel van deze auto-antistoffen bleven jarenlang meetbaar in het bloed en verschilden tussen de specifieke subgroepen van patiënten.
Deze studie heeft beperkingen, waaronder het kleine aantal betrokken patiënten. “Maar”, geven beide studieleiders aan, “drie onafhankelijke onderzoeksgroepen hebben onlangs soortgelijke bevindingen gerapporteerd, wat het vertrouwen in het idee versterkt dat auto-antistoffen bijdragen aan het postcovidsyndroom.”

Gerichte therapie

De resultaten bieden dan ook aanwijzingen voor nieuwe behandelingsstrategieën. Denk aan behandelingen die schadelijke antistoffen kunnen verwijderen of neutraliseren en daarmee klachten verminderen. Bijvoorbeeld immunotherapie, gericht op specifieke subgroepen van patiënten.

Deze studie is een belangrijke stap richting het begrijpen en mogelijk behandelen van post-covid. Ondertussen gaan de onderzoekers door om de complexiteit van deze chronische en vaak invaliderende aandoening verder te ontrafelen.

Lees meer over het hele onderzoek in het wetenschappelijke tijdschrift Cell Reports Medicine.

Beeld: Adobe Stock